In 2 stappen het benodigde verwarmingsvermogen berekenen

Bij het tempereren van matrijzen draait alles om de juiste temperatuur op het juiste moment. Door vooraf het benodigde verwarmingsvermogen te berekenen, weet je precies welk tempereerapparaat bij jouw proces past en voorkom je onnodige stilstand.

1. De formule voor verwarmingsvermogen

Het benodigde verwarmingsvermogen bereken je met de volgende formule:

P = (m × c × ΔT) / t

Waarbij:

  • P = benodigd vermogen (kW)
  • m = massa van de matrijs (kg)
  • c = soortelijke warmte van het matrijsmateriaal (kJ/kg·K)
  • ΔT = temperatuurverschil tussen begin- en eindtemperatuur (°C)
  • t = beschikbare opwarmtijd (s)

De soortelijke warmte verschilt per materiaal. Onderstaande tabel geeft een overzicht van veelgebruikte materialen:

Materiaal Soortelijke warmte (c) in kJ/kg·K
Aluminium ca. 0,896
Staal ca. 0,477
Glas ca. 0,6 – 0,8
Water (20 °C) ca. 4,187
Vet ca. 2,1
Olie ca. 1,7
Plastic ca. 1,5 – 2,5

 

2. Voorbeeldberekening

Stel, je werkt met een stalen matrijs en de volgende gegevens:

Gegeven Waarde
Massa matrijs (m) 1.278 kg
Soortelijke warmte staal (c) 0,448 kJ/kg·K
Temperatuurverschil (ΔT) 30 °C
Beschikbare opwarmtijd (t) 30 min (1.800 s)

Invullen in de formule:

P = (1.278 × 0,448 × 30) / 1.800 ≈ 9,54 kW

Voor het opwarmen van deze matrijs binnen 30 minuten is dus minimaal 9,54 kW aan verwarmingsvermogen nodig.

 

Houd rekening met een veiligheidsmarge

De bovenstaande berekening is theoretisch. In de praktijk treden er altijd verliezen op: denk aan warmteafgifte via slangen, aansluitingen en een niet-geïsoleerde matrijs. Reken daarom altijd een veiligheidsfactor mee (gangbaar is 20 tot 30%) om er zeker van te zijn dat je tempereerapparaat voldoende capaciteit heeft.

Met de uitkomst van deze berekening kun je gericht het juiste tempereerapparaat selecteren. Bekijk ons overzicht van tempereerapparaten of neem contact met ons op voor persoonlijk advies.